David

Geschreven door: Verpleegkundige Diana Bouwmeester

David was 35 jaar, ongeneeslijk ziek en verbleef in het hospice. Op een nacht was hij erg onrustig en de verpleegkundige was al onderweg om medicatie te halen die hij daarvoor mocht hebben. Ondertussen ging ik naast zijn bed zitten en knoopte een gesprek met hem aan. Ik zag een kalender met foto’s van Israël op zijn nachtkastjes staan en hij vertelde dat hij daar altijd graag naar toe had willen gaan, maar dat die wens nu niet meer vervuld kon worden.

Zelf ben ik vaak in Israël geweest en ik stelde voor om in gedachten samen op reis te gaan. David begreep niet zo goed wat hij zich daarbij moest voorstellen, maar ik vroeg hem zijn ogen te sluiten en ik begon te vertellen.
Ik vertelde hoe we op Schiphol streng gecontroleerd werden en naar de allerlaatste gate en startbaan moesten. Hoe pantserwagens het vliegtuig volgden tot het opsteeg. Ik zong het Petah Tikvah, het Israëlische volkslied toen de landing werd ingezet. Ik zag hoe David intens luisterde. Toen we het vliegtuig verlieten en ik zei hoe warm het was in Tel Aviv zei David:”Ja, wat is het hier warm.” Blijkbaar zat hij helemaal in het verhaal en toen de verpleegkundige met de medicatie kwam schudde ik even met mijn hoofd en zij trok zich meteen weer terug.

Ondertussen kwamen we in het verhaal in Jeruzalem aan en ik beschreef de geluiden van de waterverkopers en andere kooplieden en van de moskeeën en het luiden van de klokken. Ik probeerde uit te leggen hoe de geuren van de kruiden die verkocht werden waren en welke kleuren ik om me heen zag. We liepen vanaf de Damascuspoort naar de Klaagmuur. De westelijke muur van de tempel die bewaard is gebleven. Hier moesten onze wegen even scheiden. Ik ging naar het vrouwengedeelte en David naar het mannengedeelte. Ik wees hem op alle briefjes in de kieren tussen de stenen met wensen en smeekbeden. En David zei: “Ik schrijf een brief aan God en ik leg mijn wens bij Hem neer, maar wat Hij ook besluit, ik heb tenminste Jeruzalem gezien.”

Dat heeft me heel diep geraakt. Hij had in gedachten gezien wat ik vertelde en hij was rustig en vermoeid zoals elke reiziger. Hij bedankte me voor de mooie reis en vroeg: “Gaan we de volgende keer naar Betlehem?”. Dat is er niet meer van gekomen, want na een paar dagen was David aan zijn laatste reis begonnen. Zelden ben ik meer ontroerd geweest in mijn werk, als toen ik op reis was met David.

In de palliatieve zorg heet dit met een moeilijk woord visualiseren en is een complementaire zorgvorm. Ik noem het gewoon afleiden door een verhaaltje, iets dat ik als kind al deed als mijn zus een astma-aanval had. Zo simpel kan het zijn om iemand te helpen.

Wat vindt u?

Laat hier uw reactie achter op bovenstaande blog.